Evelyne

Gediagnosticeerd in 2014

Evelyne is 80 en woont in het groen. Ze kreeg twee jaar geleden te horen dat ze longkanker had. Haar man overleed in ’98 aan een agressieve versie van dezelfde ziekte. Zij rookte de hele tijd – passief – mee. Evelyne heeft veel steun van haar kinderen, en van haar partner. Ook die laatste is een dagje ouder. Ze helpen elkaar wanneer het een keer tegenzit.

Doe wat je dokter je vraagt. Volg het programma. Je bent iémand. Het is je verantwoordelijk om de ziekte niet te laten winnen. Dat ben je jezelf verplicht. Het moét.

U vindt hier de verhalen, de ideeën en de meningen van individuele getuigen. Uw situatie zou weleens helemaal anders kunnen zijn. Net daarom kunnen deze ideeën u misschien niet meteen verder helpen.

Het parcours van Evelyne

  • Longontsteking in 2014.
  • Uit een punctie blijkt Evelyne longkanker te hebben.
  • Ze start meteen met de inname van een medicijn.
  • De ziekte evolueert zeer positief. Om de twee maanden krimpt de kanker met drie centimeter.
  • Ondertussen is de tumor nog maar één centimer groot.

Mijn man was een verstokt roker. Hij stierf in ’98 aan een zeer kwaadaardige longkanker. Twee jaar later begon ik zelf last te krijgen. Ik had die hele tijd óók die rooklucht ingeademd. U zou wel eens een chronische bronchitis kunnen hebben, zeiden de dokters. Gelukkig was dat niet het geval. En toen kreeg ik in 2014 longvliesontsteking, waarbij zich veel vocht ophoopte rond de longen. Ik bleef twee weken in het ziekenhuis, waarna er zich geen vocht meer ontwikkelde. Ik mocht weer naar huis.

Die longvliesontsteking was het ergste niet. Want uit een punctie bleek dat ik longkanker had. De dokter schreef me een kankermedicijn voor. Dat moest ik dagelijks innemen, telkens op hetzelfde uur. Ondertussen ben ik die routine al bijna twee jaar gewoon.

Het medicijn werkt. Gelukkig, want nu hoef ik geen chemotherapie te krijgen. In het begin krimpte de tumor om de twee maanden drie millimeter. Nu, sinds juni, blijft er maar één millimeter over. Ondertussen zijn we oktober. Ik moet het medicijn wél blijven innemen, om te voorkomen dat de tumor weer groeit.

EMOTIES

In het begin dacht ik: “O nee. Kanker! Chemotherapie, haaruitval. Nee!”. Dat zag ik echt niet zitten. Daarom was ik vastbesloten: die kanker moet eruit. Weg ermee. Mijn moeder is 90 geworden. Ik ben er 80, en ik heb nu twee jaar kanker. Ik wil ook de 90 halen.

Elke twee maanden ging ik op consultatie. Gezien de goede resultaten, kwam ik daar altijd hoopvol buiten. Maar natuurlijk heb je ook slechte momenten. Je bent dan ontmoedigd, of zelfs depressief. Je vraagt jezelf dan af waarvoor je het nog allemaal doet. Welke zwarte gedachten je dan hebt? “Ik doe niets meer. Ik zit de hele dag in de zetel. Eigenlijk wacht ik gewoon mijn sterfdag af.” Dat denk je dan.

FAMILIE & VRIENDEN

Mijn kinderen gaan mee op consultatie

Ik heb een partner, een compagnon. Dat helpt veel wanneer je eens een minder moment hebt. Ook mijn kinderen krijgen me er altijd weer bovenop. “Kijk, mama. Het gaat toch goed met jou? Je mag de moed niet verliezen,” zeggen ze dan.

Mijn kinderen gaan mee op consultatie. Ze houden me van kortbij in de gaten. En een partner hebben, dat helpt ook. Want hij heeft ook zijn problemen. We ondersteunen elkaar. Heeft iemand het moeilijk? Wel, dan vecht de andere voor twee.

Sommige vrienden hebben ook kanker. Maar zij hebben er veel meer last van dan ik. Dan schaam ik me bijna. Ik probeer dan in te praten op hun gemoed. Dat ze geduld moeten hebben ... Misschien verdwijnt hun kanker ook op den duur. Maar het gaat beetje bij beetje.

GEZONDHEID & BEWEGING

Je eigen ritme aanvaarden

Wat mij elke dag opkrikt? Dat is mijn ochtendritueel. ’s Morgensvroeg wandel ik altijd tot achteraan de tuin. Dan pomp ik mijn longen vol met gezonde buitenlucht. Dat doet zo’n deugd. Ik heb het geluk dat ik niet in de stad woon.

Ik vroeg aan mijn arts wanneer ik weer mijn oude gewoontes zou kunnen oppikken. Mijn werk in huis weer doen, bijvoorbeeld. Zijn antwoord: “Mevrouw, u doet wat u kunt, wanneer u het kunt.” Soms voel ik me bijvoorbeeld goed genoeg om in de tuin te werken. Maar dan wil ik de dag erna verderdoen, en lukt met me niet meer. Jammer, maar ook goed. Je moet je eigen ritme leren kennen, en aanvaarden.

Bloemen, planten, ... Dat is mijn hobby. Werken in de tuin brengt me er telkens weer bovenop. Maar als het niet gaat, gaat het niet. Het is niet dat ik vóór de diagnose zoveel meer enerie had. Toen dacht ik dat het misschien aan het weer lag, of aan mijn leeftijd. Wist ik veel. Mijn ouders hadden trouwens vroeger hartproblemen. Ik dacht dus eerder in die richting.

DIEET & VOEDING

Het medicijn geeft me soms buikloop. Daarom moet ik letten op mijn voeding. Ondertussen lukt me dat goed. Het heeft een tijdje geduurd vooraleer ik begreep wat werkte voor mij. Want iedereen is anders. Ikzelf eet bijvoorbeeld geen rauwkost of fruit.

In het begin had ik soms geen eetlust. Dan nam mijn compagnon me mee op restaurant. Dan verzet je jouw gedachten. Een kijkje op het menu gaf me altijd weer zin om te eten.

REIZEN

Ik ben met pensioen. En met een groepje gepensioneerden trekken we er graag op uit. Eén keer per jaar ga ik tien dagen op reis. Dan let ik de dagen op voorhand heel goed op mijn voeding. Want die buikloop ... Die is toch wel het lastigste aan de ziekte.

Voor de rest is mijn leven niet veranderd. Ik reis nog evenveel als vroeger. Gaan wandelen in de Ardennen? Natuurlijk doe ik dat nog.

FINANCIËN

Amper een meerkost

Op mijn zestigste heb ik een bijkomende ziekteverzekering genomen. Per jaar betaal ik een supplement. Mijn medicijn is heel duur, maar ik krijg het volledig terugbetaald dankzij mijn ziekteverzekering. Dus financieel betekent mijn kanker amper een meerkost.

DE VOORUITZICHTEN VAN EVELYNE

Doe wat je dokter je vraagt. Volg het programma. Je bent iémand. Het is je verantwoordelijk om de ziekte niet te laten winnen. Dat ben je jezelf verplicht. Het moét.

Hobby’s zijn belangrijk. Je moet je gedachten verzetten. Anders denk je alleen maar aan je ziekte.

Kijk altijd verder. Maak plannen. En help elkaar. Mijn partner is ook al wat ouder. Hij heeft gezondheidsproblemen, net als ik. We helpen elkaar geregeld er bovenop.

 

Getuigenis afgenomen in oktober 2016

Terug naar boven