Christiane

Gediagnosticeerd in 2008

Christiane is een weduwe van 71 jaar die in de buurt van Namen woont aan de oevers van de Maas. Haar eerste diagnose van longkanker dateert van 2008. Sindsdien heeft de ziekte langzaam terrein gewonnen. Christiane is een gepensioneerde lerares secundair onderwijs, die van reizen houdt. Ze wil haar grote vastgoedproject verwezenlijkt zien: de constructie van een residentie met 16 appartementen... En een zwembad!

Oké, ik heb ademhalingsproblemen. Ik kan geen honderd meter meer hardlopen. Maar mijn overlevingskansen zouden dertig jaar geleden veel kleiner zijn geweest. Heb dus vertrouwen, zowel in uw arts als in de permanente evolutie van geneeskunde.

U kunt hier de ervaringen, de ideeën en de meningen van individuele getuigen vinden. U zou zich in een hele andere persoonlijke situatie kunnen bevinden dan zij. Dat is de reden waarom deze ideeën niet voor u zouden kunnen functioneren.

Het parcours van Christiane

  • Gediagnosticeerd in 2008
  • Ze werd binnen vijftien dagen na de diagnose geopereerd. De bovenste kwab van de rechterlong werd verwijderd
  • Nieuwe diagnose in 2013: metastase van kleine kankercellen in de longen
  • Resectie van cellen
  • Begin van het innemen van een geneesmiddel via orale toediening
  • Begin 2016, werd progressie van knobbels geconstateerd
  • Resectie van kankercellen in de linkerlong
  • Succesvol begin van de radiotherapiesessies
  • Verschijning van uiterst kleine, nieuwe cellen.

In 2008 begon ik zwaar te hoesten. Het lukte de artsen niet om het hoesten te stoppen, zelfs niet met antibiotica. De arts heeft me een röntgenfoto voorgeschreven. Een tumor werd gevonden met de grootte van een twee euro muntstuk, op de bovenste kwab van de rechterlong.

‘Er mag geen tijd verloren gaan’, zeiden de artsen tegen mij. Binnen twee weken werd de bovenste kwab verwijderd. Na de operatie moest ik controles ondergaan. Eerst had ik een follow-up om de drie maanden en vervolgens om de zes maanden. Normaliter moeten de medische controles vijf jaar duren. Maar in 2013 bleek dat kleine kankercellen zich in de longen hadden verspreid. Een operatie was niet geschikt meer, hoewel ik een resectie had ondergaan. De artsen hebben enkele cellen afgenomen. Na de analyse hebben de artsen voorgesteld om met een chemotherapie te beginnen.

Tijdens mijn ziekenhuisopname was er groot nieuws. In plaats van de chemo bood het ziekenhuis een alternatief aan: een nieuw geneesmiddel dat oraal wordt toegediend. Het eerste nieuws was goed behalve dan dat om de drie maanden een paar cellen soms een paar millimeter groter werden.

Begin 2016 bleek dat drie knobbeltjes zich systematisch ontwikkelden. Ze hadden al een grootte van 7 tot 8 millimeter. In februari heb ik weer een resectie moeten ondergaan, in de linkerlong ditmaal. Een stuk long met kanker werd verwijderd. Ik zou aan mijn rechterlong geopereerd moeten worden, maar deze operatie zou zeer drastische gevolgen hebben gehad. Ik moest beginnen met het dragen van zuurstofflessen. Dit heb ik geweigerd. Toen was er nog maar één oplossing over: radiotherapie.

De vier sessies met radiotherapie hebben de knobbeltjes kunnen stoppen. Maar tegelijkertijd zijn er andere cellen verschenen. Ze zijn nog zo klein, dat alleen specialisten in staat zijn om ze te kunnen identificeren.

Mijn huidige gevoel? Ik weet dat ik niet meer geopereerd kan worden omdat ik niet genoeg gezonde long meer over heb. Wanneer slechte cellen worden verwijderd, verdwijnt er ook een deel van de goede cellen. Nu leef ik van dag tot dag. En ik probeer van het leven te genieten.

EMOTIES

Zonder problemen

Mijn sterkste emotie toen ik hoorde dat ik kanker had? Dat was mijn bezorgdheid voor mijn man. Voor mezelf maakte ik me geen zorgen. Ik verzorgde continu mijn gehandicapte man die in een rolstoel zat. Het was moeilijk om voor de vuist weg een plek voor hem te kunnen vinden. Ik verbleef bijna twee weken lang in het ziekenhuis. Het hield me zoveel bezig, dat mijn probleem secundair leek. Mijn lobectomie is probleemloos verlopen.

Sinds mijn man overleden is, heb ik veel meer tijd om me met mezelf bezig te houden. Ik moet zeggen dat ik het van de goede kant bekijk. Ik ben in ieder geval nooit in paniek geraakt.

Ik moet toegeven dat ik gerookt heb. Ik zeg tegen mezelf dat ik verkeerd gehandeld heb, en dat ik ervoor wordt gestraft. Misschien is het mijn Cartesiaanse kant omdat ik wiskundeleraar was. Ik voel me niet schuldig. Toen ik jong was, rookte iedereen. Men heeft ons nooit voor de gevaren gewaarschuwd. Wanneer we vrienden bezochten, stonden er zelfs plateaus met sigaretten op tafel. Net alsof het koekjes waren.

Het zou me goed doen om mijn persoonlijke ervaringen over kanker te kunnen delen. Ik ken niemand met dezelfde ziekte. En in het ziekenhuis, is er geen ontmoetingsgroep...

FAMILIE & VRIENDEN

“Ik vind het belangrijk om niet te klagen.”

Ik heb nog maar een neef. Mijn man en ik hebben geen kinderen gehad. Enkele jaren geleden stierf mijn zus aan kanker. Ik zie mijn neef niet vaak. Hij is altijd verbaasd door de rust waarmee ik mijn lot accepteer. Ik heb zoveel mogelijk voorzorgsmaatregelen genomen voor het geval dat ik er niet meer zou zijn.

Gezelschap hebben is belangrijk. ’s Zomers woon ik in mijn grote huis aan de oever van de Maas. ’s Winters verhuis ik naar mijn appartement in Namen. Ik ken er iedereen, en dat is geruststellend. De echte vrienden? Dat zijn er niet veel. Gedurende vele jaren monopoliseerde mijn echtgenoot al mijn aandacht. Maar de vrienden die overgebleven zijn, zijn goud waard. Ik vind het belangrijk om me nooit bij hen te beklagen. Je moet het leven nemen zoals het is.

Op maandag en vrijdag ontvang ik het bezoek van een Poolse huishoudhulp. Ze kwam al toen mijn man nog leefde. We doen het huishouden samen. Ze doet veel meer dan ik, omdat ik steeds vaker last van ademhalingsproblemen heb. Ze is veel meer dan alleen een werkster: ze is een echte vriendin. Elk jaar bezoeken we haar familie in Polen.

GEZONDHEID & BEWEGING

In 2008, toen mijn kanker gediagnosticeerd werd, werd mijn longcapaciteit gemeten. ‘U kunt uw moeder dankbaar zijn’, zeiden de artsen. Ik had een capaciteit van 110% ten opzichte van mijn leeftijdsgroep. Hoewel ik nooit veel heb gesport!

Na de resecties merk ik dat ik nog steeds ademhalingsproblemen heb. Ik heb altijd van zwemmen gehouden... Maar als ik vandaag een baan zwem, kijk ik altijd of ik nog voet heb. Ook wanneer ik ga wandelen. Wanneer het parcours plat is, heb ik geen probleem. Ik denk dat ik sneller loop dan andere zeventigjarigen. Maar op hellingen of op de trap, raak ik buiten adem.

Je kunt longkanker niet zien. En ik wil het ook niet laten zien. De eerste keren dat ik iemand ontmoet, vertel ik hem of haar nooit dat ik kanker heb. En als het niet goed gaat met iemand, dan, vraag ik hoe het met hem of haar gaat.

DIEET & VOEDING

Men heeft mij nooit voorgesteld om een diëtist te raadplegen. Maar de dokter heeft me toch een lijst van voedingsmiddelen gegeven die ik beter kan vermijden met mijn nieuwe geneesmiddel. En voor een goede reden. Ik kan geen meer pittig of zuur voedsel meer eten. Grapefruit is bijvoorbeeld uit den boze. En het is beter om alcohol achterwege te laten. Vooral sprankelende dranken, zoals champagne.

Toch blijf ik van het leven genieten, zodra ik de kans krijg. Een uitje in de stad of naar het platteland? Men hoeft het me niet twee keer te vragen. En de kers op de taart is altijd om de dag te beëindigen in een restaurant waar ik oesters bestel. Dit is altijd een passie geweest. En ik eet ze zodra ik kan.

REIZEN

Van Marokko naar Krakau

Gezien we geen kinderen hadden, zijn mijn man en ik altijd blijven reizen. Twee jaar na mijn pensioen werd hij helaas ziek. We hadden samen grootse plannen...

Nu heb ik de smaak van reizen weer te pakken. Vorig jaar heb ik mijn zeventig jaar met een reis naar Marokko gevierd. Ik heb steeds meer problemen met ademhaling na mijn laatste resectie, maar ik blijf met veel plezier reizen. Deze zomer, nodigde mijn Poolse vriendin me weer uit voor een bezoek aan haar familie. Vorig jaar bezochten we Warschau. En het jaar ervoor, zijn we naar Krakau geweest...

Maar ik hoef niet per se naar het buitenland te gaan om te genieten van het leven. Een weekendje weg in België, zelfs een wandeling van een halve dag... Dat is ook goed voor een mens, niet?

WONEN

De residentie

Ik geniet van het gezelschap van mensen, maar ik woon al weer een paar jaar alleen in mijn huis met meerdere kamers. Ik zocht een serviceresidentie, maar ik heb er geen gevonden die me beviel. Dus moest ik deze residentie zelf realiseren. Ik had nog een stuk bebouwbare grond in de omgeving. Ik ben naar een projectontwikkelaar gegaan. Na vier jaar hebben we de bouwvergunning gekregen. Het project kan eindelijk beginnen. Over een maand wordt begonnen met het graven. Het project krijgt ook de familienaam van mijn man. Hij was het laatste lid van een vrij belangrijke boerenfamilie in de regio. Zo blijft zijn naam doorleven...

De residentie telt 16 appartementen, een conciërge en een centraal gebouw waar we elkaar ontmoeten. De sociale functie is erg belangrijk. De gepensioneerden kunnen af en toe zorgen voor de kinderen uit de gezinnen die er wonen, waarom niet?

Heel belangrijk: het zwembad! Ik houd van zwemmen. Ik heb altijd al van een zwembad gedroomd, maar mijn man wilde er geen. De buren hadden er één en nu is het zover… Nu, krijg ik de mijne!

FINANCIËN

Medische onkosten

Het medisch onderzoek, de radiotherapiesessies, het kopen van een nieuw geneesmiddel... Zelfs als je maar een gedeelte betaalt dankzij de sociale zekerheid kostte het een aanzienlijke hoeveelheid geld elke maand. Ik heb het geluk om spaargeld achter de hand te hebben, maar ik kan me voorstellen dat het voor andere patiënten veel moeilijker is

DE VOORUITZICHTEN VAN CHRISTIANE

“Wat een voorrecht om dit leven te hebben op mijn leeftijd! Er zijn anderen die veel minder kans hebben. Ik ben ervan overtuigd dat dit de beste manier van denken is, wanneer je longkanker hebt. Het heeft geen zin om je te beklagen!”

“Oké, ik heb ademhalingsproblemen. Ik kan geen honderd meter meer hardlopen. Maar mijn overlevingskansen zouden dertig jaar geleden veel kleiner zijn geweest. Heb dus vertrouwen, zowel in uw arts als in de voortdurende evolutie van de geneeskunde.”

“Ik rook nooit meer. Dat lijkt me nu vanzelfsprekend.”

“Geniet van het leven van dag tot dag. Je moet niet het slachtoffer van je ziekte worden!”

 

Getuigenis afgenomen in juni 2016

Terug naar boven