Axelle
Gediagnosticeerd in 2018

GEZONDHEID & BEWEGING

Ik heb geen gevoel meer heb in de vingertoppen. Maar dat komt me goed uit!

Ik probeer zo positief mogelijk te blijven. Maar er zijn ondertussen een aantal zaken die ik niet meer kan. Soms is dat als een gevolg van de radiotherapie of chemo die ik kreeg. Soms is het een bijwerking van de medicatie. Zo ben ik vaak moe, heb ik problemen met mijn evenwicht, hoor ik bepaalde hoge klanken in de muziek niet meer, heb ik pijn in mijn benen, … Maar ja, het is zo. Het gevoel in mijn vingertoppen is voor een groot deel verdwenen. Maar dat komt me goed uit. Ik naai niet graag, … nu hoef ik dat ook niet meer te doen (lacht).

TONY
Gediagnosticeerd in 2015

GEZONDHEID & BEWEGING

Stilzitten is geen optie

“Na de diagnose ben ik pijlsnel tien kilo vermagerd. Ik had ook veel pijn in de knoken. Vroeger wandelden we gemakkelijk vijf kilometer met onze hond. We doen ook groepswandelingen. De laatste keer heb ik onderweg toch moeten bellen om me te komen ophalen.”

“Naar de stad? Dat lukte de ene keer beter dan de andere. De laatste keer hadden we onze auto aan de stadsrand geparkeerd. Nog voor we goed en wel de stad inliepen, moesten we terugdraaien. Dat ging niet meer. Eigenlijk weet je niet op voorhand hoe je je zal voelen. Een uitstap beslis je het beste op de dag zelf.”

“Klussen in huis wordt ook moeilijker. Wat vroeger tien dagen duurde, neemt nu een maand in beslag. Van een goede dag waarin je aan de slag kunt, recupereer je al snel een dag of twee, drie. Maar stilzitten is geen optie. Dan wordt het alleen maar erger.”

MARIE-CHRISTINE
Gediagnosticeerd in 2007

GEZONDHEID & BEWEGING

Ik dans samen met de poetsvrouw

“Vroeger was ik een heel actieve vrouw. Dat ben ik nog … maar toch minder. Voor de grote schoonmaak heb ik vandaag hulp nodig. Want als ik er volledig voor ga, begin ik erg te hoesten. Onvermijdelijk.”

“Ik dans ook nog altijd heel graag. Twee weken geleden werd mijn kleindochter gedoopt. Toen heb ik me nog eens laten gaan op de dansvloer. Soms dans ik zelfs hier thuis, samen met de poetsvrouw.”

“Het gaat heel goed met mijn gezondheid. Mijn oncoloog staat er zelf verbaasd van. Een mirakel? Misschien. Maar ik denk dat het ook voor eendeel met mijn levenshouding te maken heeft. Ik hou meer van een lach dan van een traan.”

“Ik ben verhuisd van de stad naar het platteland. Dat deed deugd. Alleen al de luchtkwaliteit is hier beter. In de stad had ik een appartement vlakbij een bushalte. Als ik het raam opendeed, rook de kamer meteen naar uitlaatgassen. Hier zie je amper auto’s.”

“Mijn allerbeste gezondheidstip? Stop met roken! Ik heb mijn laatste pakje weggegooid in 2007, na de diagnose. Een van mijn schoondochters rookt. Ik raad haar elke keer aan om te stoppen. Ik weet waarover ik spreek. Als ik niet had gerookt, had ik geen longkanker gekregen. En als mijn man niet had gerookt, zou hij nu nog leven.”

GUIDO
Gediagnosticeerd in 2013

GEZONDHEID & BEWEGING

Je moet sowieso inbinden

Ik heb voor mezelf de knop helemaal omgedraaid. Voor de ziekte was ik al om zes uur ’s morgens de deur uit. Dan ging ik werken, tot ’s avonds laat. Nu geniet ik meer van het leven. Met toch altijd die ene gedachte in je achterhoofd. Hoe lang kan het nog duren? Die vraag is er altijd. Want van kanker genees je niet. Het beste wat de dokters kunnen bereiken, is de kanker stabiel houden.

Vroeger had ik weinig hobby’s. Daar had ik geen tijd voor. Af en toe eens fietsen, of ’s avonds gaan kaarten. Of in de Ardennen gaan wandelen, dat deed ik graag. Mijn leven was zo druk ... Dat waren de zeldzame momenten dat ik eens tot rust kwam.

Fysiek kan ik nu veel minder dan vroeger. Dat vind ik eigenlijk het ergste aan deze ziekte. Je moet sowieso inbinden. Alles moet je op je gemak doen. Rustig aan. Vier jaar geleden voelde ik me een leeuw. Ik kon alles aan. Nu kan ik bijna niets meer. Daar heb ik me bij neergelegd.

’s Avonds om acht uur val ik soms in slaap. Dan houd ik mijn ogen niet open. Dat had ik vroeger niet. En ’s morgens geraak ik soms niet uit bed.

EVELYNE
Gediagnosticeerd in 2014

GEZONDHEID & BEWEGING

Je eigen ritme aanvaarden

Wat mij elke dag opkrikt? Dat is mijn ochtendritueel. ’s Morgensvroeg wandel ik altijd tot achteraan de tuin. Dan pomp ik mijn longen vol met gezonde buitenlucht. Dat doet zo’n deugd. Ik heb het geluk dat ik niet in de stad woon.

Ik vroeg aan mijn arts wanneer ik weer mijn oude gewoontes zou kunnen oppikken. Mijn werk in huis weer doen, bijvoorbeeld. Zijn antwoord: “Mevrouw, u doet wat u kunt, wanneer u het kunt.” Soms voel ik me bijvoorbeeld goed genoeg om in de tuin te werken. Maar dan wil ik de dag erna verderdoen, en lukt met me niet meer. Jammer, maar ook goed. Je moet je eigen ritme leren kennen, en aanvaarden.

Bloemen, planten, ... Dat is mijn hobby. Werken in de tuin brengt me er telkens weer bovenop. Maar als het niet gaat, gaat het niet. Het is niet dat ik vóór de diagnose zoveel meer enerie had. Toen dacht ik dat het misschien aan het weer lag, of aan mijn leeftijd. Wist ik veel. Mijn ouders hadden trouwens vroeger hartproblemen. Ik dacht dus eerder in die richting.

ALAIN
Gediagnosticeerd in 2016

GEZONDHEID & BEWEGING

Ik ben nooit sportief geweest. Maar ik ben wel sneller buiten adem sinds ik de diagnose kreeg. Ik vermoed dat longkanker voor verstokte joggers en fietsers een extra vervelende diagnose is. En dat ik snel buiten adem ben, kan ook wel te maken hebben met de kilo’s die ik ben bijgekomen.

Christiane
Gediagnosticeerd in 2008

Gezondheid & beweging

In 2008, toen mijn kanker gediagnosticeerd werd, werd mijn longcapaciteit gemeten. ‘U kunt uw moeder dankbaar zijn’, zeiden de artsen. Ik had een capaciteit van 110% ten opzichte van mijn leeftijdsgroep. Hoewel ik nooit veel heb gesport!

Na de resecties merk ik dat ik nog steeds ademhalingsproblemen heb. Ik heb altijd van zwemmen gehouden... Maar als ik vandaag een baan zwem, kijk ik altijd of ik nog voet heb. Ook wanneer ik ga wandelen. Wanneer het parcours plat is, heb ik geen probleem. Ik denk dat ik sneller loop dan andere zeventigjarigen. Maar op hellingen of op de trap, raak ik buiten adem.

Je kunt longkanker niet zien. En ik wil het ook niet laten zien. De eerste keren dat ik iemand ontmoet, vertel ik hem of haar nooit dat ik kanker heb. En als het niet goed gaat met iemand, dan, vraag ik hoe het met hem of haar gaat.

Maria
GEDIAGNOSTICEERD IN 2015

GEZONDHEID & BEWEGING

Tochtje langs het kanaal

Er is inderdaad de medische kant. Maar er zijn ‘daarnaast’ ook andere kanten: de mentale, levensstijl... Ze maken deel uit van hetzelfde geheel als de medische kant. Deze houding helpt u genezen? Nee, ik zou eerder zeggen onder controle houden...

Ik probeer te leven als voorheen. Met als enig verschil dat ik constant naar mijn lichaam luister. Wanneer ik mijn grenzen overschrijd, betaal ik het gelijk. Tegelijkertijd zie ik alles wat ik nog steeds kan als een bonus. Net alsof mijn kanker ook een opstanding betekent.

Het feit dat mijn kanker op een goede manier is geëvolueerd, is ook aan de mentale zijde te danken. Het geeft de medische kant troeven in handen om de therapie op een positieve manier te laten evolueren. Ik had tien metastasen in augustus: in de lever, in het sleutelbeen...

Twee weken na de analyse, was bijna alles genezen. Maar gezien het een chronische ziekte is, moet ik de behandeling voortzetten. Om te voorkomen dat het weer aanwakkert.

Ik realiseer me dat ik moet blijven bewegen. Mijn longen moeten in beweging blijven. Al heel snel ben ik weer in de buurt de ronde gaan doen. En mijn fysieke conditie wordt weer steeds beter. Gisteren heb ik 5 kilometer langs het kanaal gelopen!

JEFFREY
Gediagnosticeerd in 2014

GEZONDHEID & BEWEGING

Ik leef normaal

Of de dokters zeiden dat ik meer kans maakte om te genezen, dankzij mijn jonge leeftijd? Niet echt. Je ziet het steeds vaker, jonge mensen met kanker. Net op het moment dat ik mijn diagnose kreeg, was er een leeftijdsgenoot die dezelfde diagnose kreeg.

Voortdurend bezig zijn, dat doet me enorm deugd. Dat lukt me, maar dan vooral dankzij de immunotherapie. Met chemotherapie kan je niet werken. Zelfs al is het in de tuin. Ik kan best nog wel veel aan. Bijna alles, eigenlijk. Behalve laat op stap gaan. Dat is wel eens lastig. (lacht)

Mijn levenskwaliteit is ... 95 procent, schat ik. Dat was bij de chemotherapie heel wat minder. Terwijl ik er weinig last van had, in vergelijking met anderen. De chemo maakte me wel moe, maar dat geldt voor iedereen.

Ik leef normaal. En ik zie er gezond uit. Ik voel me zelfs fysiek beter dan toen ik de diagnose niet had gekregen, maar wél nog dagelijks rookte. Eerlijk? Ik moet af en toe oppassen dat ik niet té veel hooi op de vork neem. Op mijn werk of thuis moet ik het iets rustiger aan doen dan vroeger, dat wel. Maar het voelt fantastisch om nog zo te kunnen leven. Het enige waarvan ik last heb, zijn de knobbels in mijn nek die te pas en te onpas verschijnen.

RUDY
Gediagnosticeerd in 2009

GEZONDHEID & BEWEGING

Op het vlakke wandel ik zover ik wil

Ik heb last van mijn arm. Daarom kan ik momenteel bijna niets meer doen. Soms ga ik wel wandelen met de hond. Hobby’s heb ik eigenlijk nooit echt gehad. Veel verschil met vroeger is er niet. Zonder die pijnlijke arm, leef ik nog exact zoals voor de kanker. Toegegeven: ik ben ook wel sneller moe. Trappen doen, een berg opgaan, ... Dat is vermoeiender geworden. Op het vlakke wandel ik zover ik wil.

Ik leef van dag tot dag. De dokters geven me geen uitsluitsel over hoe lang ik nog te leven heb. Ik ga ervan uit dat – zolang ze me niets zeggen – ze daar niets over weten,. Dus is het misschien best dat ze zwijgen. Misschien is het omdat ik al zeven jaar leef met kanker? Als je zolang verder leeft, durven ze misschien niets meer zeggen? In ieder geval: voor mezelf lijkt zeven jaar niét lang. Ik ben nog jong: 64 jaar.

Terug naar boven